Bibliotheek
Luitje Hoeksema Fonds
Dit is de vierde bijdrage van het Luitje Hoeksema Fonds en wij proberen bij elke editie van het Zandtsternijs iets nieuws te vermelden of een boek uit te lichten.
In de voorgaande editie hebben we een redelijk recent boek uitgelicht.
In deze editie lichten wij het boek: “L. Meijers Woordenschat, in drie deelen ghescheiden, van welke het I. Bastaardtwoorden, II. Konstwoorden, III. Verouderde woorden beghrijpt” dat geschreven is in 1669 uit.
L. Meijers Woordenschat is een belangrijk taalkundig werk uit de zeventiende eeuw. Het boek werd samengesteld door Lodewijk Meyer (ook geschreven als Louis Meyer), een Amsterdamse arts, filosoof en vriend van Baruch Spinoza. Meyer maakte deel uit van de intellectuele kring rond Spinoza en hield zich behalve met filosofie ook intensief bezig met taal en toneel.
Het werk verscheen in Amsterdam en was bedoeld als hulpmiddel voor lezers, schrijvers, predikanten en geleerden die goed Nederlands wilden schrijven en vreemde of moeilijke woorden wilden begrijpen.
De drie onderdelen van het boek geven goed weer waar het woordenboek voor bedoeld was:
-
Bastaardwoorden
Dit waren leenwoorden uit vooral het Latijn en Frans die veel in het Nederlands werden gebruikt. Meyer probeerde daarvoor Nederlandse alternatieven of verklaringen te geven. -
Konstwoorden
Dit betrof vaktermen uit wetenschap, geneeskunde, filosofie en kunst. In de zeventiende eeuw kwamen zulke woorden steeds vaker voor door de groei van wetenschap en handel. -
Verouderde woorden
Woorden uit oudere Nederlandse teksten die toen al minder gangbaar waren. Hiermee hielp Meyer lezers van oudere literatuur en religieuze teksten.
Het boek ontstond in een periode die vaak de Nederlandse Gouden Eeuw wordt genoemd. In die tijd groeide de behoefte aan standaardisering van de Nederlandse taal. Handel, wetenschap, drukkunst en literatuur namen sterk toe, waardoor woordenboeken belangrijker werden.
Meyer had daarnaast een bredere culturele ambitie: hij vond dat het Nederlands geschikt moest zijn voor wetenschap en filosofie, net als het Latijn. Zijn woordenboek droeg bij aan de ontwikkeling van het Nederlands als cultuur- en schrijftaal.
Het werk is tegenwoordig vooral van belang voor:
-
historisch taalonderzoek;
-
studie van vroegmodern Nederlands;
-
onderzoek naar leenwoorden;
-
cultuurgeschiedenis van de Republiek.
Dit boek kunt u inzien in onze bibliotheek.
De volgende opening is op vrijdag 19 juni van 19.00 – 21.00 uur.
Met vriendelijke groet,
Het bestuur van de Luitje Hoeksema Bibliotheek
